
In samenwerking met de doelgroep ontwikkelde Het Nationale Theater een slimme AI-bril voor doven, slechthorenden en niet-Nederlandstalig publiek. De bril zet gesproken tekst realtime om naar ondertiteling en vertaling.
In dit artikel lees je:
(HNT) is het grootste reizende theatergezelschap van Nederland. De in Den Haag gevestigde theaterorganisatie produceert en programmeert ongeveer 850 voorstellingen per jaar, met het doel om iedereen de magie van theater te kunnen laten beleven.
Bij haar aantreden als manager marketing en development bij Het Nationale Theater viel het op dat veel mensen in Den Haag geen Nederlands spreken. Dit terwijl het aanbod van HNT, dat met drie theaterhuizen gevestigd is in Den Haag, grotendeels Nederlandstalig is. Rutten vroeg zich daarbij af: “Als het mogelijk is om op mijn telefoon op basis van stem een tekst te genereren, kan dat dan ook niet met de stemmen van acteurs?”

Vanuit de wens om de theatervoorstellingen van HNT voor niet-Nederlandstaligen toegankelijk te maken, zocht Rutten de samenwerking met collega’s op. Zij startte bij de techniekafdeling, omdat het concept omgezet diende te worden naar een technische toepassing. Hieruit ontstond de samenwerking met audiotechnicus Ivo Pas, die inmiddels al vijf jaar gaande is.
Rutten raakte daarnaast in gesprek met , dat zich binnen HNT inzet om theater toegankelijk te maken voor mensen met een beperking. In overleg met werd de doelgroep van het project uitgebreid. Naast niet-Nederlandstaligen kunnen spraak-naar-teksttools ook doof en slechthorend publiek ondersteunen.
Buiten de organisatie ging Rutten op zoek naar partners die het project technisch en financieel mogelijk konden maken. Zij stelt dat het enorm belangrijk is om als organisatie te weten waar jouw eigen kracht ligt en wat je moet uitbesteden. “Het Nationale Theater is in de kern een theater, geen softwareleverancier,” aldus Rutten. Er moest dus worden gezocht naar partners die de kennis en ervaring bezaten om het idee te ontwikkelen naar een product.
Naast een ontwikkelaar, moest er een organisatie worden gevonden die dit project zou financieren. In de zoektocht naar deze samenwerkingen speelde de marketingafdeling een sleutelrol. Als marketingteam maak je de vertaalslag van product naar publiek, exact de expertise waar ontwikkelaars en fondsen naar op zoek bleken te zijn. “Als je over een publieksgericht initiatief een duidelijk verhaal vertelt, klinkt dat voor potentiële partners heel logisch. Zij staan dan al snel open voor een samenwerking,” aldus Rutten.

Met financiële ondersteuning van begon Het Nationale Theater, in samenwerking met ontwikkelaar , met de realisering van het product. Vanaf het eerste moment werd de innovatie samen met het beoogde publiek ontwikkeld. Rutten benadrukt dat het van essentieel belang is om hen in elke fase te betrekken: “wanneer je zelf niet tot een doelgroep behoort, kan je ook niet inspelen op de behoeften ervan.”
Uit deze samenwerking ontstond : een slimme bril die real-time alles ondertitelt wat er op het podium gezegd wordt en desgewenst direct vertaalt in 223 talen. De technologie zet de gesproken tekst per acteur direct om in geschreven woorden, zodat publiek live kan meelezen. Waar, hoe groot en in welke taal de tekst verschijnt, is volledig instelbaar naar persoonlijke behoefte. De technologische basis was daarmee gelegd, maar nu moest het product nog de wereld in.
Rutten adviseert vanaf de start goed na te denken over het organiseren van de PR bij een innovatief project. Ook als organisatie die normaliter de eigen PR en branding afhandelt, is het belangrijk niet te onderschatten hoeveel aandacht en expertise een project van deze omvang vraagt, aldus Rutten. Het is daarbij belangrijk dat iedereen binnen de organisatie de boodschap kent en uitdraagt: weet waar het product vandaan komt, in samenwerking met wie en wat de doelstelling is.
HNT zocht de samenwerking op met een externe, ervaren PR-expert met een brede ervaring in de cultuursector, maar ook de commerciële sector. Deze investering pakte positief uit. In samenwerking met het Holland Festival werd het project landelijk en internationaal uitgerold en binnen de kortste keren ving de AI-gedreven bril veel media-aandacht van internationale en landelijke media.
Het grootschalig delen van hun innovatieverhaal blijft voor HNT niet beperkt tot PR-doeleinden: vanuit de wens om de theater- en entertainmentbranche nog toegankelijker te maken, delen zij hun verhaal graag met andere culturele instellingen.

Volgens Rutten moet je als organisatie ook na de lancering van een product nog blijven leren en verbeteren, samen met de doelgroep. Het Nationale Theater organiseert daarom met regelmaat een ‘brillenavond’. Daar wordt gepeild hoe het publiek de bril ervaart, wat bezoekers nog missen en wat zij nodig hebben.
Een voorbeeld hiervan is dat de bril nu nog getinte glazen heeft. Uit de feedback dat slechthorende bezoekers gaven op brillenavonden bleek dat zij juist belang hebben bij liplezen, waardoor transparant glas voor hen een betere optie zou zijn. Dit soort informatie blijft HNT gebruiken om hun product verder te ontwikkelen.
Intern draagvlak is bij de ontwikkeling van een innovatief product essentieel. “Livetext is ontstaan vanuit een publieksgedachte, maar binnen een organisatie heb je iedereen nodig om een tool echt te laten werken,” stelt Rutten.
Bij HNT zijn er technici nodig voor de ontwikkeling en uitvoering, vloerpersoneel dat het publiek helpt en marketing die de verbinding met het publiek legt.
De connectie met het publiek die marketeers hebben, maakt dat Rutten adviseert om als marketeer met ideeën de organisatie in te stappen: “Er wordt in de cultuursector zo vaak productgedreven gedacht, in plaats van publieksgedreven. Marketing is echt een kraamkamer van goede ideeën.” Innovatie is daarentegen niet alléén de rol van marketing.
“Overal moet innovatie plaatsvinden. Het is een manier van denken die bedrijfsbreed moet worden uitgedragen,” aldus Rutten. “Als je nieuwsgierigheid en enthousiasme hebt en in de kern allemaal hetzelfde belang dient, zal iedereen graag meedenken.”