Het eerste coronaproof theater: Peepshow Palace - Cultuurmarketing
Coproductie leidt tot succesvol festival

Het eerste coronaproof theater: Peepshow Palace

#Innovatie
21 dec 2020

Vanuit energie en experiment stampte theatercollectief De Warme Winkel in samenwerking met de Brakke Grond binnen no time een nieuw concept uit de grond in de zomer van 2020.

Door de redactie

Fotografie

Ruben Hamelink

Theatergroep De Warme Winkel is een Amsterdams collectief dat gevormd wordt door de acteurs Mara van Vlijmen, Vincent Rietveld, Ward Weemhoff en Florian Myjer. Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond biedt een podium aan Vlaamse kunstenaars in Amsterdam.

Het idee van een Peepshow theater kwam voort uit de wens van De Warme Winkel om artistiek te reageren op de noodzaak om hun werk anders te presenteren. Om ook bevriende makers een podium te bieden, ontstond het idee van het Peepshow Palace Festival.

Om het peepshow theater met festivalprogramma uit te voeren, had De Warme Winkel een ruime, flexibele en toegankelijke locatie nodig. Die vond zij bij Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond. De Brakke Grond initieert in Amsterdam (en op andere locaties in Nederland) programma’s en samenwerkingen op het gebied van (Vlaamse) podiumkunsten, beeldende kunst en muziek. De Brakke Grond ging de samenwerking aan mits zij een deel van de programmering mocht samenstellen. Daarmee konden zij hun missie om Vlaamse kunstenaars een podium te bieden voortzetten. Naast het voorzien van de locatie werd de Brakke Grond daarmee ook coproducent van het festival.

Het festival werd snel een eigen merk en vervolgstappen worden gemaakt. Lisa Groot (marketing De Warme Winkel) en Bettina Lorsheijd (corporate marketing de Brakke Grond) nemen ons mee in hun verhaal.

Het startpunt van een succesvolle samenwerking

Het theater is ontworpen in samenwerking met technisch producent Prem Scholte Albers en decorbouwer Maarten Smids van de Man met de Hamer en werd gefinancierd door De Warme Winkel. Het ontwerp (geïnspireerd op het klassieke sekstheater) bestaat uit een twee verdiepingen tellende cirkel van privécabines die rondom een draaiend podium zijn geplaatst. Daardoor werd de afstand tussen het publiek en de artiesten niet te groot en kon er toch genoeg publiek komen om het spelen rendabel te maken. De capaciteit van het theater zoals het in de zaal van de Brakke Grond werd neergezet was 94 mensen per voorstelling, maar het ontwerp is modulair uit te breiden of te verkleinen.

Het creëren van een live ontmoeting in tijden van crisis was een grote drijfveer voor de organisaties. Groot: “Theater is bij uitstek een plek waar mensen de verbinding opzoeken. Zeker nu mensen thuis moeten zitten, is het belangrijk om een veilige plek te creëren waar mensen, weliswaar op afstand, samen kunnen komen.” Het brengen van een online versie van theatervoorstellingen zagen beide organisaties niet zitten. Lorsheijd: “Door een voorstelling online te brengen, wordt het volledig uit haar theatrale omgeving getrokken en is de beleving totaal anders.”

Via via kwamen de Brakke Grond en De Warme Winkel met elkaar in contact. Het enthousiasme van beide organisaties zorgde ervoor dat het project binnen twee maanden werkelijkheid werd. Lorsheijd: “Als je de juiste partijen samenbrengt, kun je veel voor elkaar krijgen. Daarbij is het belangrijk dat je het samen aangaat, daarin open bent naar elkaar toe en kijkt waar je elkaar kan versterken.”

De programmering van het Peepshow Palace Festival bestond uit theater, dans, performance en muziek en werd naast De Warme Winkel en de Brakke Grond ook samengesteld door andere partners als BOG., Motel Mozaïque, Sexyland, Grasnapolsky en Julidans. In juli en augustus 2020 werden zes dagen per week, drie voorstellingen per dag gepresenteerd aan een publiek van maximaal 94 mensen per voorstelling. In totaal werden er 123 voorstellingen gespeeld waar in totaal 6000 bezoekers naar keken.

Samenwerking leidt tot meer promotie

Doordat het festival tijdens de eerste lockdown werd opgezet, verliep de marketing en communicatie anders dan gebruikelijk. Er was minder geld te besteden en ze hadden minder middelen tot hun beschikking. Groot: “I Amsterdam zorgt er normaliter voor dat we in de uitagenda en op de digiborden verschijnen. Zij, maar eigenlijk alle organisaties waar we normaal gesproken mee samenwerken, waren dicht. We merkten daardoor ook hoe afhankelijk we eigenlijk zijn van al onze samenwerkingspartners.”

Voor De Warme Winkel is het als theatergezelschap een uitdaging om een divers en groot publiek te bereiken. Groot: “Als theaterhuis heb je verschillende producties waarmee je een heel divers publiek dient. Wij hebben als gezelschap enkel een trouwe groep fans.” Om voldoende kaarten te verkopen voor het festival was het daarom van belang dat de achterban van de verschillende makers werden bereikt.

Om de samenwerkingspartners een handje te helpen, maakte De Warme Winkel een basisvormgeving met elementen waar alle partners (zoals Motel Mozaique etc.) zelf mee aan de slag konden. Groot: “Het gebruik van een peepshow filter werkte goed, omdat we onze partners de ruimte gaven om zelf dingen te creëren, maar toch het merk van de Peepshow zichtbaar bleef.”

De Warme Winkel nam de publiekswerking op zich. Voor en tijdens de voorstellingen van het festival ging De Warme Winkel de dialoog aan met haar publiek via SMS. Via deze dienst ontving het publiek informatie over praktische zaken, maar werden ook reacties op de voorstelling uitgewisseld.

Samenwerkingspartners betekenen breder publiek

Door samen te werken met partners bereikten de Brakke Grond en De Warme Winkel nieuw publiek. Het programma van de conceptuele club Sexyland trok bijvoorbeeld een jong publiek dat niet eerder in de Brakke Grond was. Lorsheijd: “Voor ons is het van waarde dat er groot publiek binnenkomt dat misschien niet per se terugkomt, maar wel voor de eerste keer is geweest en nu ook weet waar de Brakke Grond is.” Ook de muziekprogrammering zorgde volgens Groot voor ander publiek: “Muziekpubliek is vaak wat experimenteler ingesteld dan theaterpubliek doordat zij meer festivals bezoeken en in kleine zaaltjes staan. De sfeer van die avonden was anders dan bij theateravonden. ”

Toekomstplannen: tijd voor een strategisch plan

Het Peepshow Palace Festival bleek een succes, wat voor De Warme Winkel zorgt voor perspectief voor de toekomst. Voor de eerste opzet was het volgens Groot belangrijk om vanuit energie en experiment te werken. “Het slaagde, omdat het snel moest.” Toch vindt Groot het nu tijd om een strategischer plan te ontwikkelen, waarbij de Peepshow verder kan worden ingebed in andere activiteiten. De taak van de Brakke Grond als producent zat er na het festival op, maar Lorsheijd ziet zeker mogelijkheden voor nieuwe samenwerkingen in de toekomst.

Momenteel staat het theater ingepakt, maar De Warme Winkel heeft verschillende plannen in de maak met onder andere Sexyland, Utrecht  en Eindhoven. Groot: “Het Peepshow Palace gaat reizen, maar een locatie zoeken blijft de grootste uitdaging. Ondanks dat de constructie modulair is, moet het een ruimte zijn waar het theater opgebouwd kan worden. In een festival setting past het bijvoorbeeld perfect.” Naast rondreizen in Nederland, zijn er ook internationale plannen, waarbij er momenteel gesprekken worden gevoerd met partijen in Portugal, Frankrijk en Engeland.

Toch ziet De Warme Winkel de Peepshow niet als een nieuw businessmodel waar zij veel geld mee willen verdienen, maar als een toevoeging en hulpmiddel om hun basisproduct, namelijk de voorstelling, te kunnen blijven spelen. De Warme Winkel heeft daarom als enige voorwaarde dat zij op de locatie waar het theater staat, ook een voorstelling uit hun repertoire mogen spelen. Groot: “Het is op de lange termijn ook voor De Warme Winkel gunstig. Reist de Peepshow bijvoorbeeld naar Engeland, dan gaat er een voorstelling van De Warme Winkel mee, waardoor we voor onszelf veel meer speelbeurten creëren en meer spreiding en internationale bekendheid genereren.”

Learnings 

In het vervolg wil Groot andere kanalen benutten om meer en beter te kunnen evalueren. Daarnaast ziet zij het als een gemiste kans dat TV niet is ingezet in de mediamix. “Alles was last minute, zo ook de programmering. Hierdoor misten we de aanloop waarmee je een strategie bepaalt. Als we bijvoorbeeld eerder hadden geweten dat er een bekende act kwam, hadden we dat ook bij een tv studio kunnen pitchen.
Daarnaast misten we de echte harde nieuwswaarde, want toen we groen licht kregen waren net de maatregelen een beetje versoepeld en gingen theaters langzaam weer open.”

Lorsheijd ziet ook verbetering op communicatievlak: “Het was heel succesvol, maar er zijn ook voorstellingen geweest die niet vol zaten. We gingen er in die periode vanuit dat mensen sowieso naar voorstellingen zouden komen, omdat er toch niks anders was. Zo werkt het niet. Mensen kiezen toch iets uit wat ze kennen. In het vervolg is er daarom meer tijd en ruimte nodig voor de marketing.”

Interessant voor anderen?